Een iPhone koop je in een Appie Store

“They are stealing our intellectual property, our patents, our designs, our technology. They’re counterfeiting our goods. They have to understand: we want to be friends with them, but you have to play by the rules,” aldus Mitt Romney tijdens het derde presidentiële debat voor de Amerikaanse verkiezingen. ‘They’ is in dit geval China.

Tijdens mijn eerste weken in dit land vroeg ik me al af hoe het mogelijk was dat bijna iedereen in de grote steden met een iPhone rondloopt. Het hebbedingetje verschijnt, na de afschuwelijke Marimba-ringtone, uit Prada-tassen en Louis Vuitton-jassen. Chargerend gezegd heeft in elke stad de beeltenis van Mao Zedong op gebouwen plaatsgemaakt voor het Apple logo.

Ik schaamde mij zelfs tot een niveau dat ik mijn vijf jaar oude mobiele telefoon al niet meer opnam als ik gebeld werd in het openbaar. Zelfs de gesjeesde straatventer haalde de nieuwste iPhone tevoorschijn voor het berekenen van het wisselgeld toen ik mijn noodles wilde betalen.

7181305761_e9df8836e7_h

Arm en rijk
De daaropvolgende weken ben ik niet meer geconfronteerd met deze nieuwe gadgets, want ik dook onder in het wilde westen van de Sichuan provincie. Ik kwam in gebieden waar het halve dorp er op uittrok om mijn camera te zien, en jawel, het technologische wonder in mijn broekzak: de mobiele telefoon. De vraag die ik in de eerste alinea opwierp vervaagde al snel en maakte plaats voor de gedachte van twee China’s. Het tergend arme platteland en de steden waar geld net zo makkelijk vloeit als water.

In de stad Kunming werd ik weer geconfronteerd met parken vol opa’s en oma’s met een iPad op schoot en raak ik weer in vertwijfeling. China is opkomend en wordt steeds rijker, maar heeft het communistische bewind in Beijing nu echt zulk goed werk verricht dat iedereen met peperdure technologie onder de arm loopt?

Naïef
Noem me naïef, maar het was Philip, de al jaren in China wonende Zwitser, die me vertelde dat negentig procent gewoonweg nep was. “Nee, dat kan niet, luister Philip, ik kan echt van nep onderscheiden en die dingen waar iedereen mee rondloopt zijn echt,” zei ik. Ik baseerde mijn ‘deskundigheid’ op een ooit zelf gekocht neptelefoontje van de Beverwijkse Bazaar. Mijn telefoontje had een Apple-logootje zonder de bekende bite, heette IFoon en de software was niet vooruit te branden.

8437249294_e1100be545_k

“Of bijna niet van echt te onderscheiden”, zei Philip terwijl hij naar zijn broekzak grijpt. Hij toont mij een replica van een iPhone. Op de achterkant prijkt zelfs het Designed by Apple in California. Assembled in China. Zo op het oog een perfect origineel apparaat, maar na verdere inspectie is het materiaal toch niet van de goede kwaliteit en is de software op de telefoon van het besturingssysteem Android, maar met een iOS-sausje.

Dus toch nep!
Als we over straat lopen valt het me nu ook inderdaad op. De straatventer houdt geen iPhone vast, maar een krakerige nepperd. En de tassen en jassen van de bekende merken ruiken ook al niet naar leer. Deze naïeveling ziet nu zelfs dat de vele winkels met de witte vrucht op de gevel geen Apple Store heten, maar Appie Store, Aple Stoor of een andere variant van het Chinglish. Puur uit meeloperij heb ik nu ook een neptelefoon gekocht en grijp, na de afschuwelijke Marimba-ringtone, zelfs vol trots naar mijn binnenzak.

Iedereen doet het
Nu ik een halfjaar in dit land verblijf is me zo ongeveer duidelijk geworden dat werkelijk alles hier gekopieerd wordt. Sterker, getuige mijn bekentenis hierboven, ik doe er zelf aan mee. De nieuwste films en series stream ik van bekende Chinese sites. Evenals muziek, overigens.

15692473457_87ed84e364_k

Maar heeft Amerika (en het Westen in het algemeen) werkelijk iets te vrezen van deze na-aperij en kan het land het kopiëren stoppen? Hoewel een groot deel van deze nepperds voor de binnenlandse markt is, gaat er toch een aanzienlijk deel naar het buitenland. Niet dat dit alles goedpraat, maar er is duidelijk vraag naar deze kopieën. En waar vraag is, is productie.

Het ideale Westen
Mijn Chinese vriend Dong Ye heeft misschien wel het antwoord. “Kijk eens om je heen, hoeveel blond geverfde koppen zie je hier wel niet? Hoeveel rijke stinkerds halen hun neus op voor een Chinese auto en kopen een BMW? Je ziet steeds meer televisiereclames waar een blank gezin de hoofdrol speelt en de Starbucks, McDonalds en KFC’s zijn werkelijk een plaag geworden. China wil op het Westen lijken. Mensen kopen op een gegeven moment the real thing als ze steeds meer geld te besteden hebben.”

Is dit echt zo? Fungeren de nepperds als voorhoede voor de aankoop van originele producten? Het is waar dat steeds meer Chinezen het Westen als ideaal zien. Kun je dan nog wel met een namaak rondlopen als dit ideaal zo hoog is?

Mijn neptelefoon heeft het overigens na twee weken begeven. Het toestel lag goed in de hand en was een lust voor het oog. Ik ben nu dan ook de trotse bezitter van een echte iPhone. Alleen die Marimba-ringtone blijft irritant!

Bron foto’s: Philippe Put, Ton Schulten, Daniel Lee

Geef een reactie